home

B&G

  • B&G
  • kinderen
  • kleinkinderen

auto

  • TOY
  • BusCA
  • TOY in 't zand
  • toyota hzj78
  • hzj extreem
  • ons bussie
  • keuze toyota

voorbereiding

  • website
  • kamperen
  • gezondheid
  • documenten
  • proviand
  • gereedschap
  • kaarten en boeken
  • apparatuur
  • gps

FAQ

  • algemeen
  • tips
  • bandenspanning
  • afrika
  • rusland/mongolië
  • australië

reizen

gastenboek

  • lezen
  • toevoegen
GR5/E2 1998
::
nice
  • algemeen
  • spa
  • vianden
  • rhodes
  • thann
  • viller-le-lacs
  • nyon
  • val d'isère
  • larche
  • nice
::
reisverslag
GR5/E2 1998 :: nice :: reisverslag

Het laatste bulletin. Weemoed? Ja, nu al, terwijl we nog in Nice zitten. Weemoed, want het is echt voorbij en we weten, dat het in Nederland (bijna) herfstig weer is. Hier in Nice is het blauw en warm.

Zojuist hebben we heel mediterraan geluncht: carpaccio en een salade (niçoise en italienne) in de schaduw van een strandtent (en denk dan niet aan die Noorzee-dingetjes, maar stel je meer het kaliber “Jan de Bouvrie” voor) aan dat azuurblauwe water met een aangenaam briesje.

En wij willen terug naar huis?

Ondanks alle waarschuwingen (“Voor het weer hoeven jullie niet terug te komen”)?

Toch wel…

Want,

daar is ons eigen plekkie,

daar zijn de mensen van wie we houden,

daar zijn de mensen met wie we wat hebben en iets willen…

Jullie dus.

 

Hier in Nice zijn we nu al enkele dagen bezig met afkikken van het wandelen. We zijn hier op dinsdag 18/8 aangekomen. Om het af te leren zijn we twee keer van hotel gewisseld. Hoe ging de laatste fase van de GRote tocht? We hebben overnacht in de volgende plaatsen:

Larche (rustdag La Sauze), Bousieyas, Saint-Etienne-de-Tinée, Auron, Roya, R-de Longon (Vacherie), Saint-Sauveur-sur-Tinée, Saint-Dalmas-Valdeblore, Utelle, Levens en Nice.

 

En voordat we per trein naar huis reizen (in twee en een halve dag via overnachtingen in Parijs en Harmelen) moet eerst het laatste bulletin klaar. Wat heerlijk, dat jullie zo prompt gereageerd hebben. En daarmee werd het eenrichtingsverkeer met een aantal mensen ineens tweerichtingsverkeer.

 

Om meteen een vraag hierover te beantwoorden: er is met een beperkte groep mensen al die tijd over en weer ge-e-mailed. Dat was met name voor onze ouders heel belangrijk. Uit hun reacties blijkt ook nu weer, dat ze het heerlijk vonden om ons zo te kunnen volgen. Maar ook, gaf het hen (en ons) een gevoel van veiligheid. Ze konden op ieder moment van de dag en nacht hun berichten aan ons kwijt. Daardoor hebben ze heel sterk het gevoel gehouden dat we dichtbij (want bereikbaar) waren. En hoe fantastisch is het, dat drie 80-jarigen, die in hun leven nog nooit een toetsenbord hadden aangeraakt, nu omgaan met de computer en e-mail.

Voor ons is het heel bijzonder geweest om met onze ouders en kinderen schrijvend contact te hebben. In sommige opzichten werd er zelfs meer en diepgaander uitgewisseld dan “normaal”.

 

De Bulletins werden “leuk” tot “schitterend” gevonden. De meesten konden zich zo een beeld van de tocht en de ervaringen onderweg vormen.

De foto’s hebben hierin ook een grote rol gespeeld. Via de opsomming van plaatsnamen werd de route op verschillende landkaarten op de voet gevolgd. Verschillende lezers geven aan, dat de tijd door de regelmatige bulletins veel sneller lijkt te zijn gegaan. Door een paar mensen wordt weliswaar opgemerkt, dat het wel een beetje “buitenkant” blijft. Overigens uiten ze hiervoor, gezien de grote verzendlijst, ook hun begrip. En wie weet, geeft dit laatste bulletin meer INzicht dan UITzicht.

 

Er zijn lezers, die zelf bergwandel- of bergsportervaring hebben. Voor hen is de intrigerende vraag meer, hoe het is om zo láng onderweg te zijn en om steeds met elkaar op pad te zijn. Dat laatste (het relationele) is voor meer mensen een bron van vragen.

De lange duur van onze trip maakt het inderdaad heel bijzonder. We hebben gemerkt, hoe we steeds meer los gingen laten. Dat kun je niet in één keer. Het gaat in stapjes. Het verschil met een “korte” vakantie is, dat je de dingen “echt” los laat, los MOET laten.

We hebben het gevoel, dat wat je in een korte vakantie “loslaten” noemt, in feite betekent, dat je alles a.h.w. voor een poosje in de wachtkamer zet.

Dat moet ook wel, want je wordt geacht de hele bubs na drie, vier weken zo weer op te pakken. Voor ons is dat nu heel anders: de duur van de trip is veel langer én als we terug komen zal ons leven structureel anders zijn. Wat dat betreft gaat het “avontuur” verder, want we gaan op zoek naar nieuwe invullingen.

 

Opgemerkt wordt ook, dat zowel Gerard’s enthousiasme (om anderen in zijn ervaringen te laten delen) als zijn professionaliteit (van de opzet van deze communicatievorm) heel erg herkenbaar waren. Sterker, men vond dat hij deze aanpak “aan zijn imago verplicht was”.

 

Onze wandeling, die ook als “onderneming” werd gekwalificeerd, kreeg ook waardering omdat het niet, zoals bij veel mensen, bij een droom of idee bleef, maar ook daadwerkelijk werd uitgevoerd.

 

De vraag, wat wij gaan doen, als we weer terug zijn leeft bij verschillende mensen. Een antwoord is niet eenvoudig te geven.

We hebben gemerkt, dat iedere dag je rugzak inpakken, omhangen en op stap gaan en maar zien wat de dag je brengt, een totaal andere manier van leven is. In heel veel opzichten zijn we tegen de betrekkelijkheid van veel zaken aangelopen. We realiseren ons, dat we (voor een deel) de gewone routines weer zullen gaan oppakken. Daarnaast is het gevoel van vrijheid, dat we hebben ervaren, ons heel dierbaar geworden. Waar deze ervaringen toe leiden, weten we dus gewoon nog niet.

We zien wel……!.(Een van de lezers verwacht, dat Gerard gaat lassen bij een hekkenbedrijf………..?)

 

Voor een aantal mensen is het ook een intrigerende kwestie, hoe wij dat met ons tweetjes gedaan hebben. Iedere dag weer de hele dag samen. Word je elkaar niet zat, verandert de relatie, heb je conflicten samen, praat je dingen dieper dan normaal uit, enzovoort.

Nee, we werden elkaar niet zat. Integendeel. We hebben ieder zo onze eigen manier van genieten en omgaan met moeilijke momenten. Ook in dat opzicht hebben we elkaar beter leren kennen, respecteren en waarderen.

En, iedere dag weer, gaf die grote wereld ons juist heel veel ruimte. In die ruimte was het heerlijk om jezelf en de ander de nodige privacy te gunnen.

Oh ja, er waren strubbelingen, misverstanden, onenigheden. Want zelfs de kleinste rimpelingen kunnen niet verdoezeld of genegeerd worden als je voortdurend zo dicht bij elkaar bent. Er gebeurt dus iets mee.

“Tot op het bot?” zogezegd? Ja dus.

 

Systematisch over verschillende thema’s praten was een mooi plan, maar in de (loop) praktijk bleek het vaak niet mogelijk, omdat meestal het pad en het lopen zelf de (bewuste) aandacht vroegen. Overigens bleef er genoeg tijd en gelegenheid over om onze gedachten uitgebreid te laten gaan en hierover samen te praten.

 

En momenten waarop we ons afvroegen “waarom doe ik dit in godsnaam” of “waar ben ik aan begonnen” hebben we niet gehad. Zelfs op de laatste en moeilijkste meters voor een col kwam dat niet op. Betty heeft wel eens gedacht: “wat een rot berg”! Maar dan was het slechts een korte flits. Zodra ze óp de col was, vergaf ze de berg haar weerbarstigheid.

 

Er leven nog steeds vragen over diverse lichamelijke aspecten. Hier komen de antwoorden.

Nee, we zijn niet moe. Tijdens het wandelen zelf waren er momenten dat we bekaf waren. Maar die vermoeidheid was na een kwartiertje rust (en eten en drinken) zo weer weg. Aan het eind van de reis begonnen we wel een zekere psychische vermoeidheid te voelen als er weer meer dan duizend meter klimmen voor ons lag, maar ook dat duurde maar even, we gingen gewoon weer naar boven.

Het is verbazingwekkend hoe snel je na een zware, inspannende dag toch de volgende dag weer fit kunt zijn.

De blaren van Gerard waren definitief weg, ergens in de Jura. Zijn pezen daarentegen heeft hij behouden. Alsook de beperkte lengte ervan, waardoor hij bij de steilere hellinkjes pijn lijdend zijn metertjes moest afleggen.

De voetzolen van ons beiden verkeren in blakende gezondheid. Betty’s rechtervoet vertoont bij de grote teen een knobbel, die door de niet gemiddelde belasting groter is gegroeid. Dankzij de orthopedische zooltjes is dit euvel binnen de perken gebleven en heeft zij geen pijn geleden.

Betty’s kies heeft flink opgespeeld. Na de behandeling in Chamonix (open geboord en een antibioticumkuur) is de kies open en rustig gebleven. Verdere behandeling volgt in september.

De spit van Gerard is helemaal onder controle, al wil hij de situatie nog wel eens uitbuiten door om extra massage en aandacht te vragen. Maar daar komen wij wel uit…….!

Betty is wat pondjes kwijt en zit lekker ruimer in haar vel. En hoe het met Gerard zijn pondjes is? Tja, bij het lopen VERbruik je veel calorieën en bij het gebak eten GEbruik je veel calorieën. Dus …..

En verder: de kuitomvang is danig toegenomen, de cellulitis afgenomen en de huid van armen, benen en hoofden flink gebruind. En, inderdaad, hier in Nice heeft Gerard zijn witte “sokjes” en “mouwtjes” goed laten bijbruinen. Het haar van Betty is korter en blonder, dat van Gerard is er nog net en de baard zit er nog.

Over de baard van Gerard zijn de meningen verdeeld: “hij is knapper/leuker zonder”, “ik val op mannen met baarden”, “is hij net zo wijs geworden als hij eruit ziet?”, en “hij lijkt wel een goeroe”.

En wanneer gaat de baard eraf? Tja ……….!!

 

Een paar reacties geven iets weer van het diepe verlangen bij anderen om ook (op deze manier) te reizen en vrij te zijn, maar ook dat het eng is om hiervoor te kiezen.

 

Ook, werd er een filosofische kwestie aan de orde gesteld, namelijk wat onze wandel-ervaring inhoudt in termen van ruimte en tijd. In het kader van dit bulletin voert het te ver om hier op in te gaan. De vragenstellers kunnen er echter zeker van zijn, dat er vis-à-vis gelegenheden komen om dat eens diepgaand te bespreken. Dan ook kan het gesprek besproeid worden met (al dan niet Franse) wijn.

 

En hoe het Gerard beviel om niet te klussen en niet bezig te zijn voor anderen? Hoe noem je het, als Gerard het laatste half uur voor de col in de hitte de rugzak van Betty (verzwakt door ontsteking en antibioticum) er bij neemt en naar boven draagt? Andere klussen heeft hij helemaal niet gemist. En in voorkomende situaties blijft hij toch wel regelen (zoals bijvoorbeeld een kamer voor twee medewandelaarsters in een hotel, dat vol was. Hoezo vol?).

 

Een nog jonge, studerende lezer merkt op: “Ik koop later (als ik geld heb) zeker zo'n digitale camera, laptop en zaktelefoon! Geen gehannes meer met rolletjes ontwikkelen enzo, handig lijkt me dat!”.

 

Een lezer verwacht, dat na onze terugkomst de herhalingen komen van alle e-mailverhalen, die hij met belangstelling gelezen heeft. “Jullie hebben wel erg veel gezien in de afgelopen maanden, en daardoor veel te vertellen…”

Er waren ook onvermoede neven-effecten bij sommige lezers: “Ja, ja, we leren gelijk een beetje Frans.”

Iemand wil weten of we dingen hebben uitgehaald, waar we (pas) achteraf om konden lachen. Nou niet zo veel eigenlijk. Gerard is eens een half uur bezig geweest een zwerm vliegen, die alsmaar om z’n hoofd zoemden, te verjagen. Armzwaaiend, vloekend, hardlopend en snel ronddraaiend probeerde hij ze kwijt te raken. Dat had echter het tegengestelde effect. Je krijgt het namelijk nog warmer en dat trekt juist die vliegen aan.

Gewoon even stilstaan, dus en afkoelen, en de zwerm verdwijnt vanzelf. Achteraf was dat wel lachen……!

 

Een Bulletin lezer(es) schreef:

Vijf maanden GR5 betekent voor mij:

• dat leek helemaal geen vijf maanden! ’t is zo snel gegaan….

• met tranen uitzwaaien op het station in Utrecht......

• de route meetekenen op de kaart in de gang...

• Opa en Nel af en toe begeleiden op de computer......

• saamhorigheidsgevoel onder de thuisblijvers...

• fijne gesprekken in een hotelletje in Ceillac....

• .‘Attenzione, attenzione !’.”...

 

Een greep uit diverse opmerkingen:

• “Ja zo'n computer is eigenlijk best wel handig, zo ver weg en toch ook weer heel dichtbij."

• Over het e-mailen: "Als of je een boek aan het lezen bent, dat wordt geschreven terwijl je leest."

• “Ik vond het een tof idee om op zo'n moderne manier wat van je te laten horen, heel cooll!”

• “Hoeveel keer hebben jullie spijt gehad en gedacht waar zijn we aan begonnen, en ook wat kost het toch veel en wat zal het fijn zijn om weer zelf te koken, en weer lekker in je eigen bedje te slapen, en bij moe op de koffie te komen en een keer nasi te gaan eten en balen als je hoort dat de feestjes gewoon door gaan en wij zo genoten hebben en zo kan ik wel door gaan.”

• “Van harte gefeliciteerd met jullie geweldige prestatie. Ik ben zeeeer trots op jullie. Het was de afgelopen maanden erg grappig om mensen die wisten dat jullie op weg waren eens in de zoveel tijd voorzichtig te horen informeren naar de vooruitgang, alsof ze het niet helemaal geloofden en de mogelijkheid inbouwden dat ik slechts een spectaculair, maar verzonnen verhaal vertelde.”

• Jullie hebben natuurlijk moeilijke momenten gehad, maar desondanks het gehele traject met aanstekelijk optimisme volbracht. Van achter een bureau is dat ook makkelijk om te zeggen natuurlijk, maar niettemin stemt het vrolijk, dat jullie kiezen voor werken om te leven, in plaats van leven om te werken. Ik hoop dat ik er een voorbeeld aan kan nemen.”

• “Jullie ruggetjes zullen moeten wennen aan het lopen zonder rugzak. Is dat niet gek? Gewoon de deur uitgaan zonder ballast op je rug?”

• “Handig die bulletins, hoeven we niet meer zoveel bij te kletsen.”

. “En na heel veel mailtjes het ontstaan van een nieuwe taal: De GRoordenlijst:

GRoetjes, GR-oeten, GRusje, GeRard, GijsbeRtha, GRoeten, GRapje, GR-GRoet, GRerard, GRegen, GReluk, GRunchen, GRauze, GRoet, GRRRRRoeten…….”

 

En hoe die zijden slaapzak (de “ultieme wens” van een lezers- en wandelpaar) slaapt? Heerlijk! Heel zacht en koel op de huid en lekker ruim. Het is een heel klein en licht pakketje, wast en droogt heel makkelijk. Kortom: ideaal. Een nadeel is, dat die ruwe paardendekens, die je in sommige gîtes en refuges vindt, door het laken heen kriebelen. Wel geeft dat zijde je, zeker in een eenvoudige gîte, een heel luxe gevoel. Lekker samen “in zijde” kruipen, temidden van stof en andere ongemakken (iedere keer een soort huwelijksnacht).

 

En wat we als eerste in Nice deden? Een hotelletje met uitzicht op zee zoeken, nadat de foto van het eindpunt gemaakt was natuurlijk

En inderdaad, de veronderstelling van een lezeres klopt: het voelde als vakantie houden, want trekken is (ook) “een vorm van werken”.

 

En hoe de verandering in ritme (van dagelijks trekken) uitpakt, is o.i. iets wat zich geleidelijkaan thuis zal manifesteren.

 

Over Nice als “afkick-centrum” schrijven we elders in het bulletin.

Er waren ook diverse vragen over de aankomst in Nice en hoe we het einde van de wandeling hebben beleefd.

 

Pas in de laatste weken begon het naderende einde ons bezig te houden. Toen alle hotels zowel in Aspremont (geplande overnachtingsplaats) als aan het eind van de routemarkering (bij een buitenwijk van Nice) vol bleken, bleef er niets anders over dan door te gaan naar de Middellandse Zee. Daardoor was het einde er voordat we het eigenlijk beseften.

Dat er geen ontvangstcomité, fanfare, medaille, bloemen en andere aandacht voor onze aankomst was, vonden we heerlijk. De hele trip was toch iets van ons tweeën geweest, en dus ook het einde.

Voor ons voelde en voelt het nog steeds niet als een geweldige prestatie. Veel sterker ervaarden we het als een bevoorrechting, om dit te doen.

Niet in de laatste plaats, omdat er op het thuisfront mensen waren, die onze zaken hebben waargenomen.

 

Afijn, het eindpunt was toch nog eerder bereikt dan gepland. Betty had al snel “een heerlijk Mediterraan gevoel”. Maar het gaf ons beiden ook een gevoel van verdriet, jammer dat het afgelopen was.

 

De dagen in Nice, alsnog lekker met ons tweeën, gaven ons wèl de tijd om over te schakelen. Overschakelen van soberheid naar luxe, van samen naar “met anderen” en naar ander voedsel.

 

Het boeken van de TGV-treinreis zorgde ervoor dat we echt gingen schakelen. Verdriet maakte plaats voor het uitkijken naar de thuiskomst.

De treinreis door Frankrijk en de overnachting in Parijs waren een mooie afsluiting van het overgangsproces van GR-lopen naar naar huis gaan.

 

Tot slot: Onze allerjongste (mee-)lezer (Rik te Z, net 7 jaar) heeft op het nippertje de allermoeilijkste vragen aan ons gesteld.

“Hoeveel dagen we hebben gelopen?”, is nog makkelijk te beantwoorden. Gerard heeft dat nauwkeurig bij gehouden in de computer:

136 (= dagen van huis tot aan Nice) min 29 (rustdagen)  =   107 loopdagen.

 

Maar “Hoeveel mensen we zijn tegen gekomen?”. Oef, dat waren er onderweg heel veel. Een klein deel daarvan hebben we echt ontmoet. Jou bijvoorbeeld Rik, weet je nog op de GR5 bij de waterval in Ceillac?.

Bij elkaar waren dat misschien zo’n dertig (bekende en voorheen) onbekende mensen. En we kunnen je vertellen, dat het om heel bijzondere ontmoetingen ging.

 

“En hoeveel stappen hebben wij gezet?”

We zijn heel hard gaan rekenen en de uitslag is:.

Gerard: 2400 km : 0,75 m = 3.200.000 (drie miljoen twee honderd duizend) stappen en

Betty 3.050.000 (drie miljoen vijftig duizend) stappen.

 

En al deze stappen hebben ons van Maastricht naar Nice geleid. Als jullie dit Bulletin in jullie mail-box vinden, zijn wij weer in Utrecht.

 

En … zal de Domtoren nog op dezelfde plek staan?